Uit 't Copy van Clason

28 september 2016 Er was eens

Dragen

Zijn dunne grijze haar waait alle kanten op. Zij draagt een sjaal over haar hoofd.

‘Geef nou.’ Hij zegt het niet overtuigd. Ze kijkt hem meewarig aan en schudt haar hoofd. ‘Ik doe het zelf.’ Hij kijkt naar haar. Ik denk een mix van ergernis en liefde te zien.

Ze loopt kordaat wat passen voor hem uit. Hij voelt nog even aan de sloten. Ja, de fietsen staan op slot. Ze wacht hem op en pakt zijn rechterhand.

‘Pas op hoor, het is steil.’

Ze luistert niet naar hem, sjort haar sjaal los met de toppen van haar vingers. Dat gaat moeizaam want de twee strandstoelen en tas glijden bijna van haar arm.

‘Kom, geef het nou aan mij.’ Hij zegt het krachtiger dan net. Opnieuw schudt ze nee. Haar haren schieten onder de sjaal vandaan. Een bos krullen met her en der grijze strengen.

Hij stopt, zijn linkerhand op haar wang. ‘Kom. Ik wil dat graag.’

Ze draait zich een kwartslag om en kijkt heel even naar de lange weg naar het zand. ‘Ok’, zucht ze. Ze geeft hem de stoelen die hij gretig van haar aanneemt. De tas krijgt hij niet.

Ze lopen verder terwijl zij de sjaal laat wapperen in de wind zoals kinderen dat doen met een vlieger.

‘Als ik hem loslaat, ren je er dan achteraan?’ Hij moet lachen, maar geeft geen antwoord.

‘Gentleman ben je toch.’ Het klinkt niet bozig, eigenlijk wel lief. Hij lacht opnieuw en ze rommelt zijn haar in de war, geholpen door de wind.

‘Misschien moet je mij over een paar jaar dragen.’ Hij laat haar hand los en omarmt haar. ‘Alsof je dat toe zou laten.’

Haar schaterlach klinkt over het strand. Hij glimlacht trots.

En hij en ik weten het: hoezo over een paar jaar?

Hij draagt haar op handen. Al jaren.

img_7718

 

Leave a comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.