Uit 't Copy van Clason

11 april 2017 Er was eens

De acrobaat

Een radslag. Nog een. En nog een paar. Ze schopt het zand weg met haar voeten. Handen in de hoogte, heel even wachten… en daar gaat ze weer.

Een kleiner meisje kijkt met duim in haar mond toe. Een vrouw leunt met haar handen achter zich, haar gezicht naar de zon. Radslag nummer zoveel. Ik ben de tel kwijt. Het meisje maakt de cirkel rondom de vrouw en het kleine meisje nauwer en nauwer. De vrouw veegt wat zand van haar schoot en wijst naar een open plek iets verderop. Ook daar kunnen kunsten geoefend worden. Het meisje aarzelt even, maar huppelt dan naar de aangewezen plek.

Daar staat een lange man. Hij praat met haar. Legt uit, wijst, gebaart veel met zijn handen. Ze luistert met haar hoofd in haar nek. De man steekt zijn handen in de lucht. Het meisje ook. Daar gaat hij. Een radslag. Nog een. En nog een paar. Sierlijk en strak tegelijkertijd. Het meisje volgt hem op de voet. Probeert ook haar benen bij elkaar te houden zodat ze net als hij heel even op haar handen staat en dan toch de draaiende beweging afmaakt. De man laat zich in het zand ploffen. Hij is nu haar publiek.

Het kleine meisje van zo-even kruipt met duim in haar mond bij de man op schoot. Nu komt ook de vrouw bij hen zitten. Ze leunt tegen de man en samen kijken ze naar hun acrobaat. Totdat de voorstelling wordt gestaakt omdat het meisje zich achterover in het zand laat vallen.

Pauze. Straks zal ze weer een rad draaien voor hun ogen. Nog een. En nog een paar. Onvermoeibaar.

 

 

Leave a comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.