Uit 't Copy van Clason

17 december 2019 Er was eens

Kerstverhaal

Aan.

Uit.

Aan.

Uit.

Hoe lang staat hij hier? Een kwartier? Langer? Hij laat het rolgordijn zakken. Verduisterend stond op de verpakking, maar het licht van de lampjes knippert langs de zijkant van het gordijn. Wie had gedacht dat licht net zo kon lekken als vloeistof uit een slecht afgesloten doosje. Zijn venster is nu een donker gat met een gouden, pulserende rand.

Aan. Uit. Aan. Uit.

Tape. Hij heeft nog ergens tape. Van het afplakken bij het schilderen. Met twee treden tegelijk holt hij naar beneden en vindt meteen wat hij nodig heeft. Terug de trap op. Zijn adem piept een beetje, hij zou wat meer aan sport moeten doen. Meer bewegen.

In de kamer plakt hij de gouden lijst weg. Het rolgordijn protesteert een beetje, maar dubbele lagen tape voorkomen dat het licht weer naar binnen schijnt.

Achteruitlopend naar zijn bed is het nog steeds zwart om hem heen.

Met een diepe zucht gaat hij liggen. Ergens verderop in de straat komen mensen thuis, hij hoort autoportieren dichtslaan, hakken, een lach. En dan is het weer stil. Met twee handen op zijn buik haalt hij diep adem en blaast lucht uit. Vijf tellen inademen, vijf tellen uitademen. Nog een keer. Nog eens.

Met een dof geluid schiet een stukje tape los, dan de volgende, dan nog een. Tot de flikkerende lichtvervuiling weer in zijn slaapkamer ronddanst. Heel even blijft hij naar het plafond staren. Een paar minuten maar.

Hij schiet overeind, rent weer de trap af, haalt de voordeur van het slot en staat op de binnenplaats. Het hofje waar hij en zijn buren hun auto’s parkeren. Waar kinderen spelen in de middag. Waar mensen in de zomer een praatje maken. Waar soms een jointje wordt gerookt door de puber van nummer 16. De ramen van de huizen om hem heen zijn donker. Om 4 uur in de nacht slapen mensen.

Behalve hij.

Hij niet, hij staat gillend gek te worden van de kerstversiering. De lampjes knipperen en flikkeren dat het een lieve lust is. Het is hier kermis in plaats van kerstmis. En dat alles voor de sfeer. Voor de saamhorigheid. Gezellig. Warm. Fijn.

Tijdens de bewonersvergadering was hij de enige die tegenstemde. Zijn overbuurman had hem op zijn schouders geslagen. ‘Harm jonguh, doe toch es gezellig jonguh! Dat je niet met de zomerbarbecue meedoet ok, maar kerst jonguh!’ Mensen hadden gelachen. Harm niet. Een week later werd de versiering opgehangen, het was nog niet eens december, maar het feestgevoel werd luidkeels ingezongen: liedjes van Mariah Carey, Wham! en Chris Rea.

Hij was naar de Praxis gereden voor een verduisteringsgordijn. Dit jaar zou hij niet opnieuw een maand wakker liggen.

Mislukt.

Hij kijkt naar de hemel, de sterren zijn er, maar hij kan ze in deze lichtbundel niet ontwaren. Ineens voelt hij een arm om zijn schouders. ‘Mooi he’, zegt de buurman van twee huizen verderop. Hij trekt Harm wat dichter tegen zich aan. ‘Je houdt ons goed voor de gek, beetje mopperen en in de nacht stilletjes staan genieten, hoewel ik wel wat warmers had aangetrokken.’ Hij wijst naar Harms ondergoed en knoopt ondertussen zijn eigen jas dicht. ‘Vroege dienst’, legt hij uit en stapt op zijn fiets. ‘Nog maar een paar dagen! Merry Christmas! Ho, ho, ho!’

Hij fietst weg, fluitend. De buurt mag het horen.

Harm kijkt hem na. ‘Ho, ho, ho’, zegt hij zacht.

Leave a comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.