Uit 't Copy van Clason

24 december 2015 Er was eens

Onbedoelde geschiedenis

Met dit stuk deed ik mee aan een schrijfwedstrijd van Sebes & Bisseling. Ik belandde in de top 10, op de vijfde plek. Ik noem het de schop onder mijn schrijverskont voor het jaar 2016. Met zoveel dank aan mijn vader die zei:’Tuurlijk schrijf je erover.’ 

 

Vertel eens’, zei ze. ‘Vertel er nou eens over.’ Hij legde zijn krant weg. Keek in de verte en vertelde. Over de warmte, de geuren en de klanken. Over de olifanten, het baden in koud water. Hij neuriede een liedje dat de baboe voor hem zong. Hij sprak over avonturen zoals het kruipen door rioolbuis naar de volgende rioolbuis. En het wegduiken voor de man met het geweer. Zijn herinneringen waren een jongensboek waar zijn ogen van gingen glinsteren. Gecreëerd om de echte ervaringen niet te laten beklijven.

Ze werd ouder. En weer vroeg ze: ‘Pap, vertel eens?’ Hij keek opnieuw in de verte en vertelde. De woorden exact hetzelfde. De zinnen nauwkeurig herhalend. Ze kon ze meeprevelen, keek naar hem, en wist dat het zo was gegaan.

Zestien was ze. En zoals alleen een meisje van zestien dat kan, vroeg ze niet meer, maar las. Boeken geschreven door de kinderen van toen. De verhalen waren bijna gelijk aan die van haar vader, maar toch anders. Het ging over slaan, dood, bang zijn. Over honger en eenzaamheid, over meisjes die als troost werden aangeboden aan volwassen mannen. Ze schreef het op papier en gaf het aan hem. Zwijgend nam hij het aan. Ging achter de computer zitten en typte. De woorden van zijn dochter klonken vreemd. En toch vertelde zij hem het echte verhaal. Zoals het geweest moest zijn.

‘Vertel eens’, vroeg ze toen ze begin twintig was. Ze had haar rugzak op haar rug, klaar om het vliegtuig in te stappen. ‘Snuif de geur op’, zei hij enkel. En ze ging.

En in dat verre land, daar aan de andere kant van de wereld, stapte ze zijn verhalen binnen. Ze rook, zag en luisterde. Ze maakte een blauwdruk in haar hoofd, sprak met mensen die zijn verhaal deelden. Ze bezocht een nagebouwd kamp, liep een rondje om het huis dat hij had moeten verlaten met slechts wat kleding en een knuffel. Op Schiphol haalde hij haar op. ‘Wat at je?’ vroeg hij. Ze vertelde het en hij glimlachte, droomde weg.

‘Vertel eens’, fluisterde ze. Een baby op haar schoot. Hij schudde zijn hoofd. De woorden die hij kende wilde hij niet meer delen. Ze keek naar de foto van haar oma, moeder van drie kinderen. Ze stond ineens zo dicht bij haar. Hoe had ze het overleefd?

Er gingen jaren voorbij, met zo nu en dan een herinnering aan het verhaal dat achter ze lag. Verborgen in de geuren van een sigaret met kruidnagel. In een hap rijst met pepers. In haar kinderen die het Indonesische bloed van hun eigen vader door hun aderen hadden stromen. En van twee kanten de onbedoelde geschiedenis.

Het werd zomer. Ze gaf haar vader een glas water te drinken en haar dochter kroop op zijn schoot. ‘Opa’, zei ze. ‘Vertel eens. Hoe was dat nou vroeger, opa, in Indonesië, in de oorlog?’ Hij deed zijn krant weg. Keek in de verte. En vertelde de bekende woorden die nooit zullen veranderen.

Leave a comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.